|
Vanaf 1 januari 2010 verandert fundamenteel de regeling van de plaatsbepaling voor diensten in het BTW-wetboek. Dit zal verstrekkende gevolgen hebben voor de ondernemingen die diensten verlenen over de landsgrenzen heen.
Inleiding
Het is belangrijk om duidelijk onderscheid te maken tussen diensten en leveringen. Een levering wordt gedefinieerd als de overdracht van de macht om als eigenaar over een goed te beschikken, terwijl diensten als alle overige prestaties (niet zijnde leveringen) worden gedefinieerd. Bij leveringen gaat het meestal om de overdracht van een tastbaar goed (bijvoorbeeld een auto), terwijl diensten meestal niet tastbaar zijn (bijv. een advies van een advocaat).
Dit artikel heeft uitsluitend betrekking op diensten; voor leveringen gelden namelijk geheel andere regels!
Huidige regeling
Tot en met 2009 zijn diensten belastbaar in het land waar de dienstverrichter is gevestigd. Hierbij maakt het niet uit of de dienst wordt verricht aan een andere ondernemer of aan een niet-ondernemer (bijvoorbeeld een particulier). Dit is de hoofdregel. Echter op deze hoofdregel bestaan zeer veel uit¬zonderingen, zoals:
-
diensten, die worden verricht op de plaats waar ze feitelijk plaatsvinden, zoals bijvoorbeeld de reparatie van een auto;
-
diensten, die belast zijn in het land waar de afnemer is gevestigd, zoals bijvoorbeeld intellectuele diensten aan een ondernemer;
-
diensten met betrekking tot onroerende zaken zijn belast in het land waar de onroerende zaak is gelegen, bijvoorbeeld het schilderen van een gebouw.
Nieuwe regelgeving
In feite kent de nieuwe regeling voor het vaststellen van de plaats van dienst 2 hoofdregels:
-
een hoofdregel voor diensten, die worden verricht aan andere BTW-ondernemers - de business to business (B2B); de plaats van dienst wordt het land waar de afnemer is gevestigd; Dit betekent dat er met verlegging van heffing gefactureerd wordt en dat er geen BTW op de factuur gerekend zal worden;
-
een hoofdregel voor diensten, die worden verricht aan niet-ondernemers - de business to consumers (B2C); de plaats van dienst is het land waar de dienstverrichter is gevestigd. Dit betekent dat er bij verkoop van diensten aan particulieren Belgische BTW gerekend moet worden.
Op grond van deze nieuwe regeling zijn diensten tussen BTW-ondernemers voortaan dus belast in het land waar de afnemer is gevestigd (in plaats van volgens de huidige hoofdregeling in het land waar de dienstverrichter is gevestigd). Voor diensten, die worden verricht aan niet-ondernemers, blijft de regel van toepassing, dat deze belast zijn in het land waar de dienstverrichter is gevestigd.
Waarom een wijziging?
De belangrijkste redenen om de huidige regeling te vervangen zijn:
-
Op de huidige hoofdregel bestaan dermate veel uitzonderingen, waardoor in de praktijk vaak discussies ontstaan over de plaats van dienst wanneer de dienstverrichter en de afnemer in verschillende lidstaten zijn gevestigd.
-
Door de wijziging krijgen ondernemers minder vaak buitenlandse omzetbelasting in rekening gebracht.
Nieuwe hoofdregel business-to-business
Vanaf 2010 zijn dus diensten tussen BTW-ondernemers onderling belast in het land waar de afnemer is gevestigd. Met andere woorden, de regeling, die nu alleen als uitzondering geldt, wordt vanaf 2010 de nieuwe hoofdregel.
Uitzonderingen bij business-to-business diensten
Natuurlijk blijven er uitzonderingen. Diensten, die onder de huidige regeling belast zijn op de plaats waar ze feitelijk plaatsvinden, blijven dat onder de nieuwe regeling ook. Hieronder worden voor de volledigheid de diensten, waarvoor een uitzondering op de nieuwe hoofdregel geldt, kort toegelicht:
Diensten met betrekking tot onroerende zaken
Deze zijn belast in het land waar de onroerende zaak is gelegen.
Culturele, artistieke, … diensten
Culturele, artistieke, sportieve, wetenschappelijke, onderwijs-, vermakelijkheids- of soortgelijke activiteiten worden verricht in het land waar de activiteiten feitelijk plaatsvinden.
Deze diensten zullen overigens vanaf 01/01/2011 ook onder de nieuwe hoofdregel vallen, met uitzondering van het verlenen van toegang tot deze evenementen; de opbrengsten uit hoofde van kaartverkoop blijven derhalve te allen tijde belast in het land waar het evenement plaatsvindt.
Verhuur van vervoermiddelen
De plaats van kortdurende verhuur van een vervoermiddel is onder de nieuwe regeling de plaats waar het vervoermiddel daadwerkelijk ter beschikking van de afnemer wordt gesteld. Onder kortdurende verhuur wordt verstaan: het ononderbroken bezit of gebruik van het vervoermiddel gedurende een periode van maximaal 30 dagen, waarbij voor schepen een termijn van maximaal 90 dagen geldt.
Als er geen sprake is van kortdurende verhuur, dan geldt de nieuwe hoofdregel. Met andere woorden, als een Belgische ondernemer een auto huurt in Duitsland voor een periode van 3 maanden dan is de dienst belast in België en wordt de heffing verlegd naar de Belgische ondernemer.
Restaurant- en cateringdiensten
Restaurant- en cateringdiensten zijn belast in het land waar die diensten daadwerkelijk worden verricht. Dus, een Belgische BTW-ondernemer, die in Rome in een restaurant gaat eten, krijgt Italiaanse BTW in rekening gebracht.
Op deze uitzondering geldt helaas nog een uitzondering: worden restaurant- en cateringdiensten namelijk verricht aan boord van een schip, vliegtuig, bus of trein, dan is de dienst belast in het land van vertrek van het vervoer. Anders gezegd, neemt een BTW-ondernemer (dit geldt overigens ook voor een particulier) de boot van Oostende naar Dover dan is zijn kopje koffie belast met Belgische BTW. Op de terugreis is zijn kopje koffie belast met Engelse BTW!
Conclusie
De regels voor het vaststellen van de plaats van dienst worden per 2010 een stuk eenvoudiger, zeker wat betreft diensten tussen BTW-ondernemers onderling. Deze diensten zijn voortaan belast in het land waar de afnemer van de dienst is gevestigd. Enkele uitzonderingen daargelaten.
Naast een vereenvoudiging van de administratieve lasten brengt de nieuwe regelgeving ook een administratieve verplichting met zich mee. Periodiek moet een opgaaf worden gedaan van de diensten, die zijn verricht aan afnemers met een BTW-identificatienummer in een andere lidstaat. Noodzakelijk voor ondernemers, die diensten verrichten in het internationale verkeer, is, dat alle administratieve systemen aan de nieuwe regels worden aangepast.
Enkele "to do's" voor uw factureringsverplichtingen:
-
Breng in kaart welke grensoverschrijdende diensten u verleent en neem daarop met ons contact op om te kijken hoe u deze best factureert;
-
Controleer vooral ook of de facturen, die u van uw dienstverleners ontvangt, correct zijn. Betaal in geval van een onjuiste factuur pas nadat u een correcte factuur heeft ontvangen.
|